Art. 5 Richtlijn 2004/3/EG

Richtlijn 2004/3/EG

1. Vanaf 19 februari 2005 mogen de lidstaten ten aanzien van voertuigen van categorie N1 niet om redenen die verband houden met de CO2-emissies of het brandstofverbruik:

a) de EG-typegoedkeuring of de nationale typegoedkeuring van een type motorvoertuig weigeren;

b) de registratie, de verkoop of het in het verkeer brengen van voertuigen uit hoofde van artikel 7 van Richtlijn 70/156/EEG verbieden,

indien de CO2-emissie en het brandstofverbruik overeenkomstig de voorschriften van Richtlijn 80/1268/EEG, zoals gewijzigd bij deze richtlijn, zijn vastgesteld.

2. De lidstaten mogen met ingang van 1 januari 2005 ten aanzien van voertuigen van categorie N1, klasse I, en vanaf 1 januari 2007 ten aanzien van voertuigen van categorie N1, klassen II en III:

a) niet langer de EG-typegoedkeuring krachtens artikel 4, lid 1, van Richtlijn 70/156/EEG verlenen, en

b) geen nationale typegoedkeuring verlenen, behalve wanneer een beroep wordt gedaan op artikel 8, lid 2, van Richtlijn 70/156/EEG,

indien de CO2-emissie en het brandstofverbruik niet overeenkomstig de voorschriften van Richtlijn 80/1268/EEG, zoals gewijzigd bij deze richtlijn, zijn vastgesteld.

3. De lidstaten moeten met ingang van 1 januari 2006 ten aanzien van voertuigen van categorie N1, klasse I, en met ingang van 1 januari 2008 ten aanzien van voertuigen van categorie N1, klassen II en III:

a) certificaten van overeenstemming van nieuwe voertuigen overeenkomstig Richtlijn 70/156/EEG als ongeldig beschouwen voor de toepassing van artikel 7, lid 1, van die richtlijn, en

b) de registratie, de verkoop en het in het verkeer brengen van nieuwe voertuigen die niet vergezeld gaan van een geldig certificaat van overeenstemming overeenkomstig Richtlijn 70/156/EEG weigeren, behalve wanneer een beroep wordt gedaan op artikel 8, lid 2, van deze richtlijn,

indien de CO2-emissie en het brandstofverbruik niet overeenkomstig de voorschriften van Richtlijn 80/1268/EEG, zoals gewijzigd bij deze richtlijn, zijn vastgesteld.

4. Voor in fasen gebouwde voertuigen van categorie N1 worden de in de leden 2 en 3 genoemde data met twaalf maanden uitgesteld.

5. Voor de toepassing van dit artikel:

- wordt onder een voertuig van categorie N1, klasse I, een N1-voertuig met een referentiemassa van ten hoogste 1305 kg verstaan;

- wordt onder een voertuig van categorie N1, klasse II, een N1-voertuig met een referentiemassa van meer dan 1305 kg maar ten hoogste 1760 kg verstaan;

- wordt onder een voertuig van categorie N1, klasse III, een N1-voertuig met een referentiemassa van meer dan 1760 kg verstaan.

Vorige artikelen

Volgende artikelen