Art. 15 Richtlijn 2003/71/EG, Reclame
1. Elke soort reclame-uiting betreffende een openbare aanbieding van effecten of betreffende een toelating tot de handel op een gereglementeerde markt voldoet aan de in de leden 2 tot en met 5 vervatte beginselen. De leden 2 tot en met 4 zijn alleen van toepassing wanneer de uitgevende instelling, de aanbieder of de aanvrager van de toelating tot de handel verplicht is een prospectus op te stellen.
2. In alle reclame-uitingen wordt vermeld dat er een prospectus is of zal worden gepubliceerd en wordt tevens aangegeven waar beleggers het prospectus kunnen verkrijgen.
3. Reclame-uitingen moeten duidelijk als zodanig herkenbaar zijn. De in een reclame-uiting vervatte informatie mag niet onjuist of misleidend zijn. Zij moet bovendien in overeenstemming zijn met de in het prospectus verstrekte informatie of, indien het prospectus op een later tijdstip wordt gepubliceerd, met de informatie die daarin verstrekt moet worden.
4. Mondeling of schriftelijk meegedeelde informatie betreffende de aanbieding van effecten of de toelating van effecten tot de handel moet, ook al is zij niet voor reclamedoeleinden verstrekt, steeds stroken met die welke in het prospectus is vermeld.
5. Wanneer krachtens deze richtlijn geen prospectus vereist is, wordt door de uitgevende instelling of de aanbieder verstrekte en tot gekwalificeerde beleggers of speciale categorieën beleggers gerichte essentiële informatie, met inbegrip van in het kader van bijeenkomsten betreffende aanbiedingen van effecten verstrekte informatie, verstrekt aan alle gekwalificeerde beleggers of speciale categorieën beleggers tot wie het aanbod exclusief is gericht. Indien een prospectus moet worden gepubliceerd, wordt die informatie opgenomen in het prospectus of, overeenkomstig artikel 16, lid 1, in een document ter aanvulling van het prospectus.
6. Aan de bevoegde autoriteit van de lidstaat van herkomst wordt de bevoegdheid toegekend te controleren of de reclameactiviteiten met betrekking tot een openbare aanbieding van effecten of een toelating van effecten tot de handel aan de in de leden 2 tot en met 5 vervatte beginselen voldoen.
7. Teneinde rekening te houden met de technische ontwikkelingen op de financiële markten en een eenvormige toepassing van deze richtlijn te garanderen, stelt de Commissie volgens de procedure van artikel 24, lid 2, uitvoeringsmaatregelen vast voor de verspreiding van advertenties waarin het voornemen om effecten aan het publiek aan te bieden of de toelating van effecten tot de handel wordt aangekondigd, met name voordat het prospectus voor het publiek beschikbaar is gesteld of de inschrijving is geopend, alsook de uitvoeringsmaatregelen met betrekking tot lid 4. De eerste reeks uitvoeringsmaatregelen wordt door de Commissie vastgesteld uiterlijk op 1 juli 2004.