Art. 6 Verordening (EG) nr. 2347/2002, Satellietvolgsysteem (VMS)

Verordening (EG) nr. 2347/2002

1. Niettegenstaande het bepaalde in artikel 6, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1489/97 moet de kapitein van het vissersvaartuig, wanneer de aan boord geïnstalleerde satellietvolgapparatuur defect of anderszins gestoord is, om de twee uren zijn geografische positie melden aan de vlaggen- en kustlidstaat.

2. Na afloop van de zeereis mag het vaartuig de haven pas verlaten nadat door de bevoegde autoriteiten is bevonden dat de satellietvolgapparatuur naar behoren functioneert.

3. Het herhaaldelijk niet naleven van de in de leden 1 en 2 genoemde voorschriften wordt beschouwd als een gedraging die een ernstige inbreuk vormt op de voorschriften van het gemeenschappelijk visserijbeleid overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1447/1999 van de Raad van 24 juni 1999 tot vaststelling van een lijst van gedragingen die een ernstige inbreuk vormen op de voorschriften van het gemeenschappelijk visserijbeleid(10).

4. Nadere regels voor de toepassing van lid 2 worden vastgesteld overeenkomstig de procedure van artikel 11, lid 2.

Vorige artikelen

Volgende artikelen