Art. 28 Richtlijn 2002/87/EG, Wijzigingen van Richtlijn 98/78/EG
Richtlijn 98/78/EG wordt als volgt gewijzigd:
1. in artikel 1 worden de punten g), h), i) en j) vervangen door:
"g) deelnemende onderneming: een onderneming die een moederonderneming is, of een andere onderneming die een deelneming bezit, of een onderneming die met een andere onderneming verbonden is door een betrekking in de zin van artikel 12, lid 1, van Richtlijn 83/349/EEG;
h) verbonden onderneming: een dochteronderneming of iedere andere onderneming waarin een deelneming bestaat, of een onderneming die met een andere onderneming verbonden is door een betrekking in de zin van artikel 12, lid 1, van Richtlijn 83/349/EEG;
i) verzekeringsholding: een moederonderneming waarvan de hoofdactiviteit bestaat in het verkrijgen en houden van deelnemingen in dochterondernemingen die uitsluitend of hoofdzakelijk verzekeringsondernemingen, herverzekeringsondernemingen of verzekeringsondernemingen van een derde land zijn, van welke dochterondernemingen er ten minste één een verzekeringsonderneming is, en die geen gemengde financiële holding in de zin van Richtlijn 2002/87/EG van het Europees Parlement en de Raad van 16 december 2002 betreffende het aanvullende toezicht op kredietinstellingen, verzekeringsondernemingen en beleggingsondernemingen in een financieel conglomeraat(30) is;
j) gemengde verzekeringsholding: een moederonderneming die geen verzekeringsonderneming, verzekeringsonderneming van een derde land, herverzekeringsonderneming, verzekeringsholding of gemengde financiële holding in de zin van Richtlijn 2002/87/EG is, en die onder haar dochterondernemingen ten minste één verzekeringsonderneming telt;";
2. aan artikel 6, lid 3, wordt de volgende zin toegevoegd:
"De verzoekende bevoegde autoriteit kan indien zij dat wenst aan de verificatie deelnemen indien zij deze niet zelf verricht.";
3. in artikel 8, lid 2, wordt de eerste alinea vervangen door:
"De lidstaten verlangen dat verzekeringsondernemingen beschikken over adequate risicobeheer- en internecontroleprocedures, met inbegrip van gedegen rapportage- en jaarrekeningsystemen, met het oog op een juiste herkenning, meting, bewaking en controle van de in lid 1 bedoelde transacties. De lidstaten eisen tevens dat verzekeringsondernemingen ten minste eenmaal per jaar significante transacties aan de bevoegde autoriteiten rapporteren. Deze procedures en mechanismen worden gecontroleerd door de bevoegde autoriteiten.";
4. de volgende artikelen worden ingevoegd:
"Artikel 10 bis
Samenwerking met de bevoegde autoriteiten van derde landen
1. De Commissie kan op verzoek van een lidstaat of op eigen initiatief aan de Raad voorstellen doen voor onderhandelingen over overeenkomsten met één of meer derde landen over de middelen tot praktische uitoefening van het aanvullende toezicht op:
a) verzekeringsondernemingen die als deelnemende ondernemingen ondernemingen in de zin van artikel 2 hebben met hoofdkantoor in een derde land, en
b) verzekeringsondernemingen van derde landen die als deelnemende ondernemingen ondernemingen in de zin van artikel 2 hebben met hoofdkantoor in de Gemeenschap.
2. De in lid 1 bedoelde overeenkomsten hebben in het bijzonder ten doel te waarborgen dat:
a) de bevoegde autoriteiten van de lidstaten de informatie verkrijgen die nodig is voor het aanvullende toezicht op verzekeringsondernemingen met hoofdkantoor in de Gemeenschap die dochterondernemingen of deelnemingen in ondernemingen buiten de Gemeenschap hebben, en
b) de bevoegde autoriteiten van derde landen de informatie verkrijgen die nodig is voor het aanvullende toezicht op verzekeringsondernemingen met hoofdkantoor op hun grondgebied die dochterondernemingen of deelnemingen in ondernemingen in één of meer lidstaten hebben.
3. De Commissie onderzoekt met het Comité voor het verzekeringswezen het resultaat van de in lid 1 genoemde onderhandelingen en de daaruit voortvloeiende situatie.
Artikel 10 ter
Leidinggevend orgaan van verzekeringsholdings
De lidstaten eisen dat personen die het bedrijf van een gemengde financiële holding feitelijk tatleiden, de voldoende betrouwbaarheid en voldoende ervaring bezitten om deze functies uit te oefenen.";
5. aan bijlage I, punt 1, onder B, wordt de volgende alinea toegevoegd:
"Indien er geen kapitaalbanden bestaan tussen sommige van de ondernemingen in een verzekeringsgroep, bepaalt de bevoegde autoriteit met welk proportioneel deel rekening moet worden gehouden.";
6. aan bijlage I, punt 2, wordt het volgende punt toegevoegd:
"2.4 bis. Verbonden kredietinstellingen, beleggingsondernemingen en financiële instellingen
Bij de berekening van de aangepaste solvabiliteit van een verzekeringsonderneming die een deelnemende onderneming in een kredietinstelling, beleggingsonderneming of financiële instelling is, zijn de voorschriften van artikel 16, lid 1, van Richtlijn 73/239/EEG en van artikel 18 van Richtlijn 79/267/EEG inzake de aftrek van die deelnemingen van overeenkomstige toepassing, evenals de bepalingen inzake de mogelijkheid voor de lidstaten om onder bepaalde voorwaarden alternatieve methoden toe te staan of om toe te staan dat die deelnemingen niet worden afgetrokken.".