Art. 18 Richtlijn 2002/87/EG, Moederondernemingen buiten de Gemeenschap

Richtlijn 2002/87/EG

1. Onverminderd de sectorale voorschriften verifiëren de bevoegde autoriteiten in het in artikel 5, lid 3, bedoelde geval of de gereglementeerde entiteiten waarvan de moederonderneming haar hoofdbestuur buiten de Gemeenschap heeft, onderworpen zijn aan door een bevoegde autoriteit van een derde land uitgeoefend toezicht dat gelijkwaardig is met het toezicht uit hoofde van de bepalingen van deze richtlijn betreffende het aanvullende toezicht op gereglementeerde entiteiten als bedoeld in artikel 5, lid 2. De verificatie geschiedt door de bevoegde autoriteit die de coördinator zou zijn indien de in artikel 10, lid 2, bepaalde criteria van toepassing waren op verzoek van de moederonderneming of van een van de gereglementeerde entiteiten die in de Gemeenschap een vergunning hebben verkregen, dan wel op haar eigen initiatief. Die bevoegde autoriteit raadpleegt de andere relevante bevoegde autoriteiten en neemt ook de eventuele toepasselijke richtsnoeren in aanmerking die overeenkomstig artikel 21, lid 5, zijn opgesteld door het Comité voor financiële conglomeraten. De bevoegde autoriteit raadpleegt hiertoe het comité voordat zij haar besluit neemt.

2. Indien een gelijkwaardig toezicht als bedoeld in lid 1 ontbreekt, passen de lidstaten naar analogie op de gereglementeerde entiteiten de bepalingen toe betreffende het aanvullende toezicht op de gereglementeerde entiteiten als bedoeld in artikel 5, lid 2. Als alternatief kunnen de bevoegde autoriteiten één van de in lid 3 bedoelde methoden toepassen.

3. De lidstaten staan hun bevoegde autoriteiten toe andere methoden toe te passen die een passend aanvullend toezicht op de gereglementeerde entiteiten in een financieel conglomeraat waarborgen. Deze methoden moeten zijn goedgekeurd door de coördinator, na overleg met de andere relevante bevoegde autoriteiten. De bevoegde autoriteiten kunnen meer bepaald verlangen dat een gemengde financiële holding met hoofdkantoor in de Gemeenschap wordt opgericht en op de gereglementeerde entiteiten in het financiële conglomeraat aan het hoofd waarvan deze holding staat, de bepalingen van deze richtlijn toepassen. De methoden moeten de mogelijkheid bieden de doeleinden van het aanvullende toezicht als omschreven in deze richtlijn te verwezenlijken en moeten aan de overige betrokken bevoegde autoriteiten en de Commissie worden medegedeeld.

Vorige artikelen

Volgende artikelen