Art. 45 Verordening (EG) nr. 2535/2001
Verordening (EG) nr. 2535/2001
1. Voor de monitoring van de hoeveelheden van de tariefcontingenten wordt rekening gehouden met alle hoeveelheden waarvoor gedurende de betrokken contingentperiode aangiften voor het vrije verkeer zijn aanvaard.
2. Elke lidstaat stelt de Commissie uiterlijk op 15 maart volgende op elk contingentjaar dat eindigt op 31 december, en uiterlijk op 15 september volgende op elk contingentjaar dat eindigt op 30 juni, afzonderlijk voor elk contingent en elk land van oorsprong, behalve voor Nieuw-Zeelandse boter, in kennis van de definitieve totale hoeveelheid voor het contingentjaar waarvoor aangiften voor het vrije verkeer zijn aanvaard.