Art. 16 Verordening (EG) nr. 2535/2001
Verordening (EG) nr. 2535/2001
1. De Commissie besluit zo spoedig mogelijk in welke mate aan de ingediende aanvragen gevolg kan worden gegeven en stelt de lidstaten daarvan in kennis.
Het certificaat wordt uiterlijk op de vijfde werkdag na de kennisgeving aan de lidstaten van het in de eerste alinea bedoelde besluit aan de aanvragers van wie de aanvragen overeenkomstig artikel 15 zijn gemeld, afgegeven.
2. Indien de hoeveelheden waarvoor certificaten zijn aangevraagd, de vastgestelde hoeveelheden overschrijden, past de Commissie op de aangevraagde hoeveelheden een toewijzingscoëfficiënt toe.
Indien de totale hoeveelheid waarvoor aanvragen zijn ingediend, kleiner is dan de beschikbare hoeveelheid, bepaalt de Commissie de resterende hoeveelheid die aan de beschikbare hoeveelheid voor het volgende tijdvak van hetzelfde invoerjaar wordt toegevoegd.
3. De invoercertificaten zijn geldig gedurende 150 dagen vanaf de datum van feitelijke afgifte overeenkomstig artikel 23, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1291/2000.
De geldigheidsduur van de certificaten loopt evenwel tot uiterlijk het einde van het jaar van invoer waarvoor de aanvraag is ingediend.
4. De op grond van het onderhavige hoofdstuk afgegeven invoercertificaten mogen slechts worden overgedragen aan natuurlijke personen of rechtspersonen die overeenkomstig afdeling 2 zijn erkend. In geval van overdracht deelt de overdrager de instantie van afgifte het erkenningsnummer van de cessionaris mee.