Art. 8 Verordening (EG) nr. 539/2001

Verordening (EG) nr. 539/2001

1. Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen.

2. Aangaande toepassing van artikel 1, lid 2, voor onderdanen van het in de lijst van bijlage II met een asterisk aangegeven land besluit de Raad evenwel later overeenkomstig artikel 67, lid 3, van het Verdrag op basis van het in de tweede alinea bedoelde verslag.

Te dien einde verzoekt de Commissie het betrokken land aan te geven tot welke verbintenissen het bereid is op het gebied van illegale immigratie en illegaal verblijf, met inbegrip van de repatriëring van uit dat land afkomstige illegaal verblijvende personen, en brengt zij daarvan verslag uit aan de Raad. De Commissie legt de Raad uiterlijk 30 juni 2001 een eerste verslag voor, vergezeld van eventuele aanbevelingen die zij dienstig acht.

In afwachting van de vaststelling van de akte houdende bovenbedoeld besluit door de Raad is de in artikel 1, lid 1, vastgestelde visumplicht van toepassing op de onderdanen van dat land. De artikelen 2 tot en met 6 van deze verordening zijn van toepassing.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in de lidstaten overeenkomstig het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap.