Art. 6 Richtlijn 2001/77/EG, Administratieve procedures

Richtlijn 2001/77/EG

1. De lidstaten of de door hen aangewezen bevoegde instanties beoordelen het bestaande wet- en regelgevingskader voor vergunningsprocedures of de overige procedures van artikel 4 van Richtlijn 96/92/EG die van toepassing zijn op installaties voor elektriciteitsproductie uit hernieuwbare energiebronnen, teneinde:

- de belemmeringen voor de verhoging van de elektriciteitsproductie uit hernieuwbare energiebronnen in de regelgeving en anderszins te verkleinen,

- de procedures op het betrokken bestuursniveau te stroomlijnen en te bespoedigen, en

- ervoor te zorgen dat de regels objectief, transparant en niet-discriminerend zijn, en terdege rekening houden met het eigen karakter van de versschillende technieken voor het gebruik van hernieuwbare energiebronnen.

2. De lidstaten publiceren uiterlijk op 27 oktober 2003 een verslag over de in lid 1 genoemde beoordeling en vermelden daarin in voorkomend geval de getroffen maatregelen. Dat verslag moet, voorzover dat in het nationale wet- en regelgevingskader relevant is, een overzicht bevatten van de stand van zaken, in het bijzonder van:

- de coördinatie tussen de verschillende administratieve instanties op het gebied van termijnen, ontvangst en behandeling van de aanvragen om vergunningen;

- de opstelling van eventuele richtsnoeren voor de in lid 1 bedoelde activiteiten en de haalbaarheid van een versnelde planningsprocedure voor producenten van elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen, en

- de aanwijzing van instanties die optreden als bemiddelaar bij geschillen tussen de instanties die met de afgifte van vergunningen zijn belast en de aanvragers daarvan.

3. De Commissie beoordeelt in het in artikel 8 bedoelde verslag de beste praktijken voor het bereiken van de in lid 1 bedoelde doelstellingen aan de hand van de in lid 2 van dit artikel bedoelde verslagen van de lidstaten.

Uitspraken die dit artikel aanhalen