Art. 108 Richtlijn 2001/34/EG

Richtlijn 2001/34/EG

1. Bij de Commissie wordt een Contactcomité, hierna "Comité" genoemd, ingesteld.

Het Comité is samengesteld uit personen die zijn aangewezen door de lidstaten en uit vertegenwoordigers van de Commissie. Het voorzitterschap berust bij een vertegenwoordiger van de Commissie. Het secretariaat wordt verzorgd door de diensten van de Commissie.

Het Comité wordt bijeengeroepen door zijn voorzitter, hetzij op diens initiatief, hetzij op verzoek van de delegatie van een lidstaat. Het Comité stelt zijn reglement van orde vast.

2. Het Comité heeft tot opdracht:

a) met betrekking tot de voorwaarden voor de toelating van effecten tot de officiële notering, de eisen gesteld aan de opstelling van, het toezicht op en de verspreiding van het prospectus dat voor de toelating moet worden gepubliceerd, en de periodieke informatieverstrekking door vennootschappen waarvan de aandelen zijn toegelaten, onverminderd het bepaalde in de artikelen 226 en 227 van het Verdrag, een geharmoniseerde tenuitvoerlegging van deze richtlijn te bevorderen door regelmatig overleg over de concrete problemen die zich bij de toepassing van de richtlijn voordoen en terzake waarvan uitwisseling van gedachten dienstig wordt geacht;

b) met betrekking tot de gegevens die moeten worden gepubliceerd bij de verwerving en overdracht van een belangrijke deelneming in een ter beurze genoteerde vennootschap, regelmatig overleg mogelijk te maken over de concrete problemen die zich bij de toepassing van deze richtlijn voordoen en terzake waarvan uitwisseling van gedachten dienstig wordt geacht;

c) overleg tussen de lidstaten te vergemakkelijken met betrekking tot:

i) de strengere of aanvullende voorwaarden en verplichtingen die zij ingevolge artikel 8 op nationaal niveau kunnen vaststellen;

ii) de aanvullingen en verbeteringen van het prospectus die de bevoegde autoriteiten op nationaal niveau kunnen eisen of aanbevelen;

iii) de strengere of aanvullende verplichtingen die zij krachtens de artikelen 71 en 88 mogen vaststellen teneinde, overeenkomstig artikel 44, lid 2, onder g), van het Verdrag, de in alle lidstaten opgelegde verplichtingen uiteindelijk op elkaar af te stemmen;

d) de Commissie zo nodig van advies te dienen inzake aanvullingen of wijzigingen van deze richtlijn, en in het bijzonder na te gaan welke wijzigingen eventueel, in het licht van de vooruitgang die geboekt is bij het op elkaar afstemmen van de onder c), punt iii), bedoelde verplichtingen, in de artikelen 71 en 73 moeten worden aangebracht, of inzake aanpassingen overeenkomstig artikel 109.

Het is niet de taak van het Comité de gegrondheid van de door de bevoegde autoriteiten in afzonderlijke gevallen genomen beslissingen te beoordelen.

Vorige artikelen

Volgende artikelen