Art. 2 Verordening (EG) nr. 1347/2000, Echtscheiding, scheiding van tafel en bed en nietigverklaring van het huwelijk
Verordening (EG) nr. 1347/2000
1. Terzake van echtscheiding, scheiding van tafel en bed of nietigverklaring van het huwelijk zijn bevoegd de rechterlijke instanties van de lidstaat:
a) op het grondgebied waarvan:
- de echtgenoten hun gewone verblijfplaats hebben, of
- zich de laatste gewone verblijfplaats van de echtgenoten bevindt indien een van hen daar nog verblijft, of
- de verweerder zijn gewone verblijfplaats heeft, of
- in geval van een gemeenschappelijk verzoek, zich de gewone verblijfplaats van een van de echtgenoten bevindt, of
- zich de gewone verblijfplaats van de verzoeker bevindt indien hij daar sedert ten minste een jaar onmiddellijk voorafgaand aan het verzoek verblijft, of
- zich de gewone verblijfplaats van de verzoeker bevindt indien hij daar sedert ten minste zes maanden onmiddellijk voorafgaand aan het verzoek verblijft, en hetzij onderdaan van de betrokken lidstaat is, hetzij, in het geval van het Verenigd Koninkrijk en Ierland, daar zijn "domicile" (woonplaats) heeft;
b) waarvan beide echtgenoten de nationaliteit hebben, of, in het geval van het Verenigd Koninkrijk en Ierland, waar beide echtgenoten hun "domicile" (woonplaats) hebben.
2. Voor de toepassing van deze verordening betekent "woonplaats" hetzelfde als "woonplaats uit hoofde van de rechtsstelsels van het Verenigd Koninkrijk en Ierland".