Art. 41 Verordening (EG) nr. 1257/1999
Verordening (EG) nr. 1257/1999
1. De plannen voor plattelandsontwikkeling worden opgesteld op het geografische niveau dat het meest geschikt wordt geacht. Zij worden uitgewerkt door de bevoegde autoriteiten die door de lidstaat zijn aangewezen, en worden door de lidstaat bij de Commissie ingediend na raadpleging van de bevoegde autoriteiten en organisaties op het passende territoriale niveau.
2. De in een en hetzelfde gebied toe te passen steunmaatregelen voor plattelandsontwikkeling worden in een enkel plan geïntegreerd telkens wanneer dat mogelijk is. Telkens wanneer het noodzakelijk is verscheidene plannen vast te stellen, wordt de onderlinge verhouding tussen de in die plannen beoogde maatregelen aangegeven en wordt zorg gedragen voor de verenigbaarheid en coherentie ervan.