Art. 11 Verordening (EG) nr. 659/1999, Bevel tot opschorting van steun of tot voorlopige terugvordering van steun
1. Na de betrokken lidstaat de gelegenheid te hebben gegeven zijn opmerkingen in te dienen, kan de Commissie een beschikking geven waarbij de lidstaat wordt gelast alle onrechtmatige steun op te schorten, totdat de Commissie een beschikking heeft gegeven over de verenigbaarheid van de steun met de gemeenschappelijke markt ("opschortingsbevel").
2. Na de betrokken lidstaat de gelegenheid te hebben gegeven zijn opmerkingen in te dienen, kan de Commissie een beschikking geven waarbij de lidstaat wordt gelast alle onrechtmatige steun voorlopig terug te vorderen, totdat de Commissie een beschikking heeft gegeven over de verenigbaarheid van de steun met de gemeenschappelijke markt ("terugvorderingsbevel"), indien wordt voldaan aan onderstaande criteria:
- er bestaat volgens een gevestigde praktijk geen twijfel omtrent de steunverlenende aard van de maatregel,
- er moet dringend worden opgetreden en
- er bestaat een ernstig gevaar dat een mededinger aanzienlijke en onherstelbare schade oploopt.
Terugvordering dient volgens de procedure van artikel l4, leden 2 en 3, te geschieden. Nadat de steun daadwerkelijk is teruggevorderd, geeft de Commissie binnen de voor aangemelde steun geldende termijn een beschikking.
De Commissie kan de lidstaat machtigen de terugbetaling van de steun vergezeld te doen gaan van reddingssteun voor de betrokken onderneming.
Het bepaalde in deze alinea is slechts van toepassing op onrechtmatige steun die ten uitvoer is gelegd na de inwerkingtreding van deze verordening.