Art. 13 Richtlijn 98/56/EG
1. Wanneer tijdens officiële inspecties als bedoeld in artikel 12 of proeven als bedoeld in artikel 14 blijkt dat teeltmateriaal niet aan de vereisten van deze richtlijn voldoet, zorgt de verantwoordelijke officiële instantie ervoor dat de leverancier passende corrigerende maatregelen neemt, of, indien zulks niet mogelijk is, verbiedt zij het in de handel brengen van dat teeltmateriaal in de Gemeenschap.
2. Wanneer blijkt dat teeltmateriaal dat door een bepaalde leverancier in de handel wordt gebracht niet aan de vereisten van deze richtlijn voldoet, zorgt de betrokken lidstaat ervoor dat ten aanzien van deze leverancier passende maatregelen worden genomen.
3. Krachtens lid 2 genomen maatregelen worden ingetrokken zodra met voldoende zekerheid is vastgesteld dat het teeltmateriaal dat bestemd is om door de leverancier in de handel te worden gebracht, voortaan aan de vereisten en voorwaarden van deze richtlijn zal voldoen.