Art. 13 Verordening (EG) nr. 2026/97, Verbintenissen
1. Een onderzoek kan zonder instelling van voorlopige of van definitieve rechten worden beëindigd na ontvangst van bevredigende verbintenissen op vrijwillige basis op grond waarvan:
a) het land van oorsprong en/of van uitvoer ermee instemt de subsidie in te trekken of te beperken of andere maatregelen te nemen met betrekking tot de gevolgen ervan, of
b) een exporteur zich ertoe verbindt zijn prijzen te herzien of zijn uitvoer naar het betrokken gebied te beëindigen zolang voor deze uitvoer tot compenserende maatregelen aanleiding gevende subsidies worden verleend, mits de Commissie, na overleg, ervan overtuigd is dat daarmee de schadelijke gevolgen van de subsidiëring worden weggenomen. Prijzen worden ingevolge deze verbintenissen niet meer verhoogd dan nodig om de hoogte van de tot compenserende maatregelen aanleiding gevende subsidie te compenseren. De prijsverhogingen zouden lager moeten zijn dan de hoogte van de tot compenserende maatregelen aanleiding gevende subsidies indien dat toereikend zou zijn om de door de bedrijfstak van de Gemeenschap geleden schade weg te nemen.
2. De Commissie kan zelf verbintenissen voorstellen, maar een land of een exporteur kan niet worden verplicht daarop in te gaan. Het feit dat landen of exporteurs geen verbintenissen aanbieden of niet op een voorstel daartoe ingaan, heeft op het onderzoek van de zaak geen invloed. Niettemin kan worden vastgesteld dat het bij voortzetting van de invoer met subsidie waarschijnlijker wordt dat de dreiging van schade op werkelijke schade uitloopt. Van een land of van een exporteur worden, tenzij een voorlopige vaststelling van subsidiëring of van daaruit voortvloeiende schade is gedaan, geen verbintenissen verlangd, noch worden deze aanvaard. Behoudens uitzonderlijke omstandigheden mogen verbintenissen na het verstrijken van de termijn waarbinnen overeenkomstig artikel 30, lid 5, opmerkingen mogen worden gemaakt, niet meer worden aangeboden.
3. Aangeboden verbintenissen behoeven niet te worden aanvaard indien aanvaarding ervan moeilijkheden van praktische aard zou opleveren, bijvoorbeeld omdat het aantal feitelijke of potentiële exporteurs te groot is of om andere redenen, onder meer van algemeen beleid. Aan de betrokken exporteur en/of het land van oorsprong en/of van uitvoer mag mededeling worden gedaan van de redenen op grond waarvan wordt overwogen een aangeboden verbintenis af te wijzen. De exporteur of dat land kan in de gelegenheid worden gesteld daarop commentaar te leveren. De redenen voor de afwijzing worden in het definitieve besluit vermeld.
4. Partijen die een verbintenis aanbieden, dienen een niet-vertrouwelijke versie daarvan te verstrekken die aan de bij het onderzoek betrokken partijen ter beschikking kan worden gesteld.
5. Wanneer verbintenissen, na overleg, worden aanvaard en wanneer in het raadgevend comité geen bezwaren naar voren worden gebracht, wordt het onderzoek beëindigd. In alle andere gevallen doet de Commissie de Raad onverwijld een verslag over de resultaten van het overleg toekomen, tezamen met een voorstel tot beëindiging van het onderzoek. Het onderzoek wordt beëindigd geacht indien de Raad niet binnen één maand met een gekwalificeerde meerderheid van stemmen anders besluit.
6. Indien de verbintenissen worden aanvaard, wordt het onderzoek naar subsidiëring en schade normaal voltooid. Indien in een dergelijk geval wordt vastgesteld dat er geen subsidiëring of schade is, komt de verbintenis automatisch te vervallen, behalve wanneer een dergelijke vaststelling grotendeels het gevolg is van het bestaan van een verbintenis. Dan kan worden geëist dat een verbintenis gedurende een redelijke termijn wordt gehandhaafd. Indien wordt vastgesteld dat er inderdaad subsidiëring en schade is, blijft de verbintenis volgens de daarin vervatte bepalingen en overeenkomstig de bepalingen van deze verordening voortbestaan.
7. De Commissie verlangt van een land waarvan of van een exporteur van wie een verbintenis is aanvaard dat deze op gezette tijden over de naleving van deze verbintenis informatie verstrekt en verificatie van relevante gegevens toestaat. Indien daaraan niet wordt voldaan, wordt zulks als schending van de verbintenis aangemerkt.
8. Wanneer tijdens het onderzoek van bepaalde exporteurs verbintenissen worden aanvaard, worden deze voor de toepassing van de artikelen 18, 19, 20 en 22 geacht van kracht te worden op de datum waarop het onderzoek voor het land van oorsprong en/of van uitvoer wordt beëindigd.
9. Wanneer een verbintenis door een partij wordt geschonden of wordt opgezegd, wordt op basis van de bij het onderzoek dat tot de verbintenis heeft geleid, vastgestelde feiten overeenkomstig artikel 15 een definitief recht ingesteld, op voorwaarde dat dit onderzoek met een definitieve vaststelling van subsidiëring of van schade werd afgesloten en, behalve in geval van opzegging van de verbintenis door een exporteur of door een land, de betrokken exporteur of het land van oorsprong en/of van uitvoer de gelegenheid is geboden om opmerkingen te maken.
10. Na overleg kan overeenkomstig artikel 12 op basis van de beste beschikbare informatie een voorlopig recht worden ingesteld, hetzij omdat er redenen zijn om aan te nemen dat een verbintenis wordt geschonden, hetzij ingeval van schending of opzegging van een verbintenis, indien het onderzoek dat tot de verbintenis heeft geleid, niet is afgesloten.