Art. 29 Verordening (EG) nr. 515/97

Verordening (EG) nr. 515/97

1. Rechtstreekse toegang tot gegevens in het DIS is uitsluitend voorbehouden aan de nationale autoriteiten die elke lidstaat heeft aangewezen, en aan de door de Commissie aangewezen diensten. Die nationale autoriteiten zijn de douaneadministraties, maar kunnen ook andere autoriteiten omvatten die uit hoofde van de wetten, regelingen en procedures van de betrokken lidstaat eveneens bevoegd zijn op te treden teneinde het in artikel 23, lid 2, omschreven doel te bereiken.

2. Elke lidstaat zendt aan de Commissie een lijst van de aangewezen bevoegde autoriteiten die rechtstreekse toegang mogen hebben tot het DIS, waarbij voor elke autoriteit wordt aangegeven tot welke gegevens zij toegang kan hebben en voor welke doeleinden.

De Commissie stelt de andere lidstaten hiervan in kennis. Zij brengt tevens alle lidstaten op de hoogte van de overeenkomstige elementen met betrekking tot haar eigen diensten die bevoegd zijn om toegang te hebben tot het DIS.

De lijst van de aldus aangewezen nationale autoriteiten en Commissiediensten wordt door de Commissie ter informatie bekendgemaakt in het Puklikatieblad van de Europese Gemeenschappen.

3. Niettegenstaande het bepaalde in de leden 1 en 2, kan de Raad op voorstel van de Commissie beslissen om aan internationale of regionale organisaties toegang te verlenen tot het DIS, voorzover, indien dienstig, daarbij met die organisaties een protocol wordt gesloten overeenkomstig artikel 7, lid 3, van de Overeenkomst tussen de lidstaten van de Europese Unie met betrekking tot de toepassing van informatica voor douanedoeleinden. Bij hun besluitvorming hierover, wordt met name rekening gehouden met eventuele bestaande bilaterale of communautaire regelingen en met de toereikendheid van het niveau van gegevensbescherming.