Art. 6 Richtlijn 96/53/EG
1. De Lid-Staten nemen de nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat de in artikel 1 bedoelde voertuigen die aan deze richtlijn voldoen, zijn voorzien van een van de onder a), b) en c) genoemde bewijzen:
a) een combinatie van de volgende twee platen:
- de "constructieplaat", uitgevoerd en aangebracht overeenkomstig Richtlijn 76/114/EEG (8),
- de plaat betreffende de afmetingen zoals voorgeschreven in bijlage III, uitgevoerd en aangebracht overeenkomstig Richtlijn 76/114/EEG;
b) één enkele overeenkomstig Richtlijn 76/114/EEG uitgevoerde en aangebrachte plaat waarop de gegevens van de twee onder a) vermelde platen staan;
c) één enkel document dat wordt afgegeven door de bevoegde autoriteiten van de Lid-Staat waar het voertuig is ingeschreven of in het verkeer is gebracht. Dit document dient dezelfde rubrieken en dezelfde gegevens te bevatten als die welke voorkomen op de onder a) vermelde platen. Het moet op een voor controle gemakkelijk toegankelijke en goed beschermde plaats worden bewaard.
2. Wanneer de kenmerken van het voertuig niet meer overeenstemmen met die welke op het conformiteitsbewijs zijn vermeld, neemt de Lid-Staat waarin het voertuig is ingeschreven, de nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat het conformiteitsbewijs wordt gewijzigd.
3. De in lid 1 bedoelde platen en documenten worden door de Lid-Staten erkend als het in deze richtlijn bedoelde conformiteitsbewijs van de voertuigen.
4. Voertuigen waarvoor een conformiteitsbewijs werd afgegeven, kunnen aan de volgende controles worden onderworpen:
- wat de gemeenschappelijke normen inzake gewichten betreft, aan steekproefsgewijze controles;
- wat de gemeenschappelijke normen inzake de afmetingen betreft, aan controles die alleen worden uitgevoerd indien het vermoeden bestaat dat niet aan deze richtlijn wordt voldaan.
5. De middenkolom van het conformiteitsbewijs betreffende de gewichten vermeldt in voorkomend geval de op het betrokken voertuig toepasselijke communautaire waarden inzake gewichten. Voor de in bijlage I, punt 2.2.2, onder c), bedoelde voertuigen wordt de vermelding "44 t" tussen haakjes geplaatst onder het maximaal toegestane gewicht van de combinatie.
6. Elke Lid-Staat kan voor op zijn grondgebied ingeschreven of in het verkeer gebrachte voertuigen besluiten dat de bij zijn nationale wetgeving toegestane maximumgewichten in het conformiteitsbewijs in de linkerkolom en de technisch aanvaardbare gewichten in de rechterkolom worden vermeld.