Art. 11 Verordening (EEG) nr. 2456/93, Geldigheid van offertes 1. Offertes mogen uitsluitend worden ingediend door
a) erkende slachtinrichtingen voor de rundvleessector in de zin van Richtlijn 64/433/EEG waarvoor geen afwijking op grond van artikel 2 van Richtlijn 91/498/EEG van de Raad (12) geldt, ongeacht hun rechtsvorm, alsmede
b) vee- of vleeshandelaren die voor eigen rekening laten slachten en die onder een afzonderlijk nummer in een openbaar register zijn vermeld.
2. De inschrijvers nemen deel aan de inschrijving bij het interventiebureau van de Lid-Staat waar zij gehouden wordt, door afgifte van een schriftelijke offerte tegen ontvangstbewijs of door indiening van een offerte via een door het interventiebureau aanvaard schriftelijk communicatiemiddel, met bericht van ontvangst.
De offertes worden afzonderlijk voor elk type inschrijving ingediend.
3. Elke inschrijver mag per categorie en per inschrijving slechts één offerte indienen.
De Lid-Staten vergewissen zich ervan dat de inschrijvers onderling niet verbonden zijn wat hun directie, personeel en werking betreft.
Als er ernstige aanwijzingen zijn dat dit niet het geval is of als een offerte niet aan de economische realiteit beantwoordt, wordt de bedoelde offerte slechts als ontvankelijk aangemerkt nadat degene die deze heeft ingediend terdege heeft aangetoond dat aan de eisen van de tweede alinea is voldaan.
Wanneer is komen vast te staan dat een inschrijver meer dan één offerte heeft ingediend, is geen enkele van de door hem ingediende offertes ontvankelijk.
4. In de offerte worden vermeld:
a) naam en adres van de inschrijver,
b) de aangeboden hoeveelheid produkten van de in het bericht van inschrijving vermelde categorieën, uitgedrukt in ton,
c) de voor 100 kg produkt van kwaliteit R 3 geboden prijs overeenkomstig de in artikel 18, lid 3, bepaalde voorwaarden en uitgedrukt in ecu met ten hoogste 2 decimalen.
In het kader van interventieaankopen in de zin van artikel 6a van Verordening (EEG) nr. 805/68 wordt de voorgestelde prijs echter vermeld zonder verwijzing naar een kwaliteit.
5. Een offerte is slechts geldig, wanneer
a) zij betrekking heeft op een hoeveelheid van ten minste 10 ton voor de in artikel 6 van Verordening (EEG) nr. 805/68 bedoelde inschrijvingen en van ten minste 5 ton voor die bedoeld in artikel 6a van die verordening,
b) zij vergezeld gaat van de schriftelijke verbintenis van de inschrijver dat hij alle voorschriften met betrekking tot de betrokken aankopen zal naleven, en
c) het bewijs wordt geleverd dat de inschrijver vóór het verstrijken van de termijn voor het indienen van de offertes, voor de betrokken inschrijving de in artikel 12 bedoelde inschrijvingszekerheid heeft gesteld.
6. Offertes kunnen na de in artikel 10 bedoelde indieningstermijn niet meer worden ingetrokken.
7. De offertes moeten vertrouwelijk worden behandeld.