Art. 887 Verordening (EEG) nr. 2454/93

Verordening (EEG) nr. 2454/93

1. Het uitvoerende douanekantoor ziet erop toe dat:

- in voorkomend geval, aan de in artikel 886, lid 2, onder f), bedoelde vereisten is voldaan;

- in alle gevallen, de goederen werkelijk op de in de beschikking tot terugbetaling of kwijtschelding van de rechten bij invoer of bij uitvoer vermelde wijze worden gebruikt of de daarin vermelde bestemming volgen.

2. Wanneer de beschikking voorziet in de mogelijkheid de goederen in een douane-entrepot, een vrije zone of een vrij entrepot op te slaan en de begunstigde van deze mogelijkheid gebruik maakt, dienen de nodige formaliteiten te worden vervuld bij het uitvoerend douanekantoor.

3. Wanneer de daadwerkelijke bestemming als bedoeld in de beschikking waarbij teruggave of kwijtschelding van rechten wordt verleend, slechts kan worden geconstateerd in een andere Lid-Staat dan die waar het uitvoerende douanekantoor is gelegen, wordt het bewijs daarvan geleverd door overlegging van het controle-exemplaar T 5, afgegeven en gebruikt overeenkomstig de artikelen 471 tot en met 495 en het onderhavige artikel.

Het controle-exemplaar T 5 dient de volgende vermeldingen te bevatten:

a) in vak 33, de GN-code;

b) in vak 103, de nettohoeveelheid van de goederen voluit geschreven;

c) in vak 104, al naar gelang van het geval, hetzij de vermelding "Verlaten van het douanegebied van de Gemeenschap" hetzij een van de volgende vermeldingen in de rubriek "Overige":

- Kosteloze levering aan de volgende liefdadigheidsinstelling . . .;

- Vernietiging onder douanetoezicht;

- Plaatsing onder de volgende douaneregeling . . .;

- Plaatsing in een vrije zone of een vrij entrepot;

d) in vak 106 een verwijzing naar de beschikking tot toekenning van de terugbetaling of kwijtschelding van de rechten;

e) in vak 107 de vermelding "Artikelen 91 tot en met 127 van Verordening (EEG) nr. 2454/93".

4. Het controlerend douanekantoor dat vaststelt of onder zijn verantwoordelijkheid laat vaststellen dat de goederen daadwerkelijk de voorziene bestemming hebben gevolgd, brengt op het controle-exemplaar T 5 in het vak "Controle van het gebruik en/of de bestemming" een kruis aan voor de vermelding "hebben de aan de voorzijde aangegeven bestemming gevolgd op . . .", aangevuld met de hierop betrekking hebbende datum.

5. Wanneer het uitvoerende douanekantoor zich ervan heeft vergewist dat aan de in lid 1 bedoelde voorwaarden is voldaan, stelt het de beschikkende douaneautoriteit hiervan door middel van een verklaring in kennis.