Art. 771 Verordening (EEG) nr. 2454/93

Verordening (EEG) nr. 2454/93

1. Bij toepassing van artikel 151, lid 2, tweede alinea, van het Wetboek worden de kosten voor lading, vervoer en verzekering van de tijdelijk uitgevoerde goederen tot aan de plaats waar de veredeling of het laatste deel daarvan werd uitgevoerd, niet begrepen in:

- de waarde van de tijdelijk uitgevoerde goederen, die in aanmerking wordt genomen bij de vaststelling van de douanewaarde van de veredelingsprodukten overeenkomstig artikel 32, lid 1, onder b), punt i), van het Wetboek,

- de veredelingskosten wanneer de waarde van de tijdelijk uitgevoerde goederen niet kan worden bepaald door toepassing van artikel 32, lid 1, onder b), punt i), van het Wetboek.

2. In de in lid 1 bedoelde veredelingskosten zijn begrepen de kosten voor lading, vervoer en verzekering van de veredelingsprodukten van de plaats waar de veredeling of het laatste deel daarvan heeft plaatsgevonden tot aan de plaats waar de goederen het douanegebied van de Gemeenschap worden binnengebracht.

3. De in artikel 153 van het Wetboek bedoelde herstellingskosten bestaan uit het totale bedrag dat de vergunninghouder betaalt of moet betalen aan of ten gunste van degene die de herstelling verricht en omvat alle betalingen die, als voorwaarde voor het herstellen van de tijdelijk uitgevoerde goederen, door de vergunninghouder aan degene die de herstelling verricht of door de vergunninghouder aan een derde zijn gedaan of moeten worden gedaan om aan een verplichting van degene die de herstelling verricht, te voldoen.

De betaling behoeft niet noodzakelijkerwijs uit de overdracht van geld te bestaan. Betaling kan eveneens geschieden door middel van kredietbrieven of verhandelbare stukken en kan rechtstreeks of onrechtstreeks geschieden.

Artikel 143 is van toepassing voor het beoordelen van de verbondenheid van de vergunninghouder met de veredelaar.