Art. 569 Verordening (EEG) nr. 2454/93

Verordening (EEG) nr. 2454/93

1. Onverminderd lid 2 en artikel 570, lid 2, kan slechts gebruik worden gemaakt van het equivalentieverkeer indien de equivalente goederen in dezelfde, uit acht cijfers bestaande onderverdeling van de gecombineerde nomenclatuur worden ingedeeld en dezelfde handelskwaliteit en dezelfde technische kenmerken bezitten als de invoergoederen.

2. Bij de aanvraag worden originele exemplaren of afschriften gevoegd van alle documenten of bewijsstukken die betrekking hebben op de daarin te verstrekken gegevens en die noodzakelijk zijn voor het onderzoek ervan. De aanvraag bevat een verwijzing naar deze documenten of bewijsstukken. Indien bepaalde gegevens nadere toelichting vereisen, kunnen aan de aanvraag bladen worden toegevoegd. Alle bij de aanvraag gevoegde bescheiden maken daarvan onlosmakelijk deel uit. Het aantal bijlagen wordt in de aanvraag vermeld.

3. Wanneer het een aanvraag tot verlenging of wijziging van een vergunning betreft, kunnen de douaneautoriteiten per geval toestaan dat de vergunninghouder de aanvraag schriftelijk indient, onder verwijzing naar de voorafgaande vergunning en, in voorkomend geval, de voor de wijziging noodzakelijke gegevens.

4. Onder voorbehoud van de vereenvoudigde procedures bedoeld in de artikelen 568, 656, 695 en 760 is elke aanvraag die niet aan de bij dit artikel vastgestelde voorwaarden voldoet en die niet wordt gedaan overeenkomstig de artikelen 509, 555, 651, 691 en 750 niet ontvankelijk.

Uitspraken die dit artikel aanhalen