Art. 502 Verordening (EEG) nr. 2454/93
1. De aanvraag en haar bijlagen worden door de douaneautoriteiten bewaard, evenals een afschrift van de eventueel verleende vergunning.
2. Wanneer een vergunning wordt verleend, worden de aanvraag en de bijlagen daarbij, evenals de vergunning zelf, bewaard gedurende ten minste drie jaar vanaf het einde van het kalenderjaar waarin de geldigheidsduur van de vergunning is verstreken, of wel, in het geval van een vergunning tot het beheren van een douane-entrepot of tot gebruikmaking van het stelsel van douane-entrepots, vanaf het einde van het jaar waarin de vergunning nietig wordt verklaard of wordt ingetrokken.
3. In geval van afwijzing van de aanvraag of nietigverklaring of intrekking van de vergunning worden de aanvraag, de eventuele vergunning of de beslissing tot afwijzing van de aanvraag, evenals de bijlagen daarbij, bewaard gedurende ten minste drie jaar vanaf het einde van het kalenderjaar waarin de aanvraag werd afgewezen of de vergunning nietig werd verklaard of werd ingetrokken.