Art. 472 Verordening (EEG) nr. 2454/93
1. Wanneer de toepassing van een communautaire bepaling inzake de in- of uitvoer van goederen of inzake het goederenverkeer binnen het douanegebied van de Gemeenschap afhankelijk is gesteld van het bewijs dat de goederen het gebruik en/of de bestemming hebben gekregen dat of die bij die bepaling is voorzien of voorgeschreven, wordt dit bewijs geleverd door overlegging van het controle-exemplaar T 5. Het controle-exemplaar T 5 wordt gesteld op een exemplaar van het formulier T 5, eventueel aangevuld met een of meer formulieren T 5 bis overeenkomstig artikel 478 of aangevuld met een of meer ladingslijsten T 5 overeenkomstig de artikelen 479 en 480.
Het is niet uitgesloten verscheidene controle-exemplaren T 5 terzelfder tijd, maar voor verschillende doeleinden, te gebruiken, voor zover het gebruik van elk ervan volgens communautaire voorschriften is vereist.
2. Degene die een controle-exemplaar T 5 in de zin van lid 1 ondertekent, is gehouden de in dat document aangeduide goederen het aangegeven gebruik en/of de aangegeven bestemming te geven.