Art. 461 Verordening (EEG) nr. 2454/93
1. Wanneer wordt vastgesteld dat een overtreding of onregelmatigheid werd begaan in een andere Lid-Staat dan die waarin de procedure werd ingeleid, sluit het centralisatiekantoor van de eerste Lid-Staat het dossier, wat hem betreft, af.
2. Met het oog op de afsluiting van het dossier doet het centralisatiekantoor van de eerste Lid-Staat het centralisatiekantoor van de tweede Lid-Staat de gegevens van dit dossier toekomen en betaalt het de aansprakelijke organisatie waarmee het is verbonden de eventueel reeds gestorte of voorlopig betaalde bedragen terug.
Het dossier kan evenwel slechts worden afgesloten indien het centralisatiekantoor van de eerste Lid-Staat van het centralisatiekantoor van de tweede Lid-Staat een decharge heeft ontvangen waarin met name wordt vermeld dat een vordering, overeenkomstig de beginselen van de ATA-overeenkomst, in die tweede Lid-Staat is ingediend. Het model van de decharge is opgenomen in bijlage 61.
3. Het centralisatiekantoor van de Lid-Staat waar de overtreding of onregelmatigheid werd begaan, belast zich met de invorderingsprocedure en int zo nodig bij de aansprakelijke organisatie waarmee het verbonden is, de bedragen van de verschuldigde rechten en heffingen volgens de tarieven van de Lid-Staat waarin het is gevestigd.
4. De procedure wordt overgedragen binnen de termijn van één jaar na afloop van de geldigheid van het carnet en mits de betaling niet definitief is geworden op grond van artikel 7, lid 2 of lid 3, van de ATA-overeenkomst. Na het verstrijken van deze termijn is artikel 454, lid 3, derde en vierde alinea, van toepassing.