Art. 248 Verordening (EEG) nr. 2454/93
1. Vrijgave van de goederen leidt tot boeking van de op grond van de vermeldingen van de aangifte vastgestelde rechten bij invoer. Wanneer de douaneautoriteiten van oordeel zijn dat de door hen ingestelde controles kunnen leiden tot de vaststelling van een bedrag dat hoger is dan het bedrag dat voortvloeit uit de vermeldingen in de aangifte, eisen deze autoriteiten bovendien dat voldoende zekerheid wordt gesteld om het verschil te dekken tussen het laatstgenoemde bedrag en het bedrag dat uiteindelijk op de goederen van toepassing kan zijn. De aangever heeft evenwel de mogelijkheid om, in plaats van het stellen van die zekerheid, de directe boeking te verzoeken van het bedrag aan rechten dat uiteindelijk op de betrokken goederen van toepassing kan zijn.
2. Wanneer de douaneautoriteiten op grond van de door hen verrichte controles een bedrag aan rechten vaststellen dat afwijkt van het bedrag dat voortvloeit uit de vermeldingen in de aangifte, kunnen de goederen slechts worden vrijgegeven indien dat bedrag direct wordt geboekt.
3. Wanneer de douaneautoriteiten twijfelen of verboden of beperkingen van toepassing zijn en die twijfel slechts kan worden opgeheven na het verkrijgen van de resultaten van de door hen verrichte controles, kunnen de betreffende goederen niet worden vrijgegeven.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- HR 23 februari 2018, ECLI:NL:HR:2018:265
- Hof Amsterdam 24 november 2015, ECLI:NL:GHAMS:2015:5119
- CBb 27 februari 2007, ECLI:NL:CBB:2007:AZ9917
- Rb. Noord-Holland 20 december 2013, ECLI:NL:RBNHO:2013:12512
- Rb. Haarlem 5 januari 2009, ECLI:NL:RBHAA:2009:BG9052
- CBb 18 januari 2006, ECLI:NL:CBB:2006:AV0555
- CBb 4 maart 2005, ECLI:NL:CBB:2005:AT2617