Art. 14 Verordening (EEG) nr. 2454/93

Verordening (EEG) nr. 2454/93

1. Wanneer de rechthebbende van een bindende tariefinlichting die haar geldigheid heeft verloren om redenen als bedoeld in artikel 12, lid 5, van het Wetboek, zich gedurende een bepaalde periode overeenkomstig lid 6 van genoemd artikel wenst te beroepen op deze inlichting, geeft hij daarvan kennis aan de douaneautoriteiten. Deze kennisgeving dient zo nodig vergezeld te gaan van bewijsstukken aan de hand waarvan kan worden nagegaan of aan de ter zake gestelde voorwaarden is voldaan.

2. In de uitzonderlijke gevallen waarin de Commissie, overeenkomstig artikel 12, lid 7, laatste alinea, van het Wetboek, een van lid 6 van genoemd artikel afwijkende maatregel heeft vastgesteld en in de gevallen waarin niet is voldaan aan de in lid 1 bedoelde voorwaarden om zich op een bindende tariefinlichting te kunnen beroepen, geven de douaneautoriteiten daarvan schriftelijk kennis aan de rechthebbende.