Art. 7 Richtlijn 93/36/EEG

Richtlijn 93/36/EEG

1. De aanbestedende dienst deelt binnen een termijn van vijftien dagen, te rekenen vanaf de datum van ontvangst van het verzoek, aan iedere afgewezen gegadigde of inschrijver op diens verzoek de redenen mede voor de afwijzing van zijn aanvraag of van zijn inschrijving op een aanbesteding, en in het geval van een inschrijving op een aanbesteding, de naam van de begunstigde.

2. De aanbestedende dienst deelt de gegadigden of inschrijvers op hun verzoek mede om welke redenen hij heeft besloten een aanbestede opdracht niet te plaatsen of de procedure opnieuw te beginnen. Hij stelt ook het Bureau voor officiële publikaties der Europese Gemeenschappen van dat besluit in kennis.

3. Over elke gegunde opdracht stellen de aanbestedende diensten een proces-verbaal op dat ten minste het volgende bevat:

- de naam en het adres van de aanbestedende dienst, het voorwerp en de waarde van de opdracht;

- de namen van de uitgekozen gegadigden of inschrijvers, met motivering van die keuze;

- de namen van de uitgesloten gegadigden of inschrijvers en de redenen voor die uitsluiting;

- de naam van de begunstigde en de motivering voor de keuze van zijn offerte alsmede, indien bekend, het gedeelte van de opdracht dat de begunstigde voornemens is aan derden in onderaanneming te geven;

- voor procedures van gunning via onderhandelingen, toelichting van de in artikel 6 genoemde omstandigheden die de toepassing van deze procedure rechtvaardigen.

Dit proces-verbaal, of de hoofdpunten ervan, worden de Commissie op haar verzoek toegezonden.