Art. 26

1. In de douanewetgeving of in andere specifieke communautaire wetgeving kan worden bepaald dat de oorsprong van goederen moet worden aangetoond door overlegging van een document.

2. Niettegenstaande de overlegging van dit document kunnen de douaneautoriteiten, in geval van ernstige twijfel, elk aanvullend bewijs eisen om zich ervan te vergewissen dat de vermelding van de oorsprong wel beantwoordt aan de regels die in de desbetreffende communautaire voorschriften zijn vastgesteld.

Afdeling 2

Preferentiële oorsprong

Uitspraken die dit artikel aanhalen