Art. 101 Verordening (EEG) nr. 2913/92

Verordening (EEG) nr. 2913/92

De entreposeur dient ervoor te zorgen dat:

a) goederen tijdens hun verblijf in het douane-entrepot niet aan het douanetoezicht worden onttrokken;

b) de verplichtingen worden nagekomen welke voortvloeien uit de opslag van goederen die zich onder het stelsel van douane-entrepots bevinden;

c) wordt voldaan aan de bijzondere voorwaarden die in de vergunning zijn vastgesteld.