Art. 27 Richtlijn 92/46/EEG
1. Iedere Lid-Staat wijst een of meer nationale referentielaboratoria op het gebied van analyses en tests van melk en produkten op basis van melk aan. Hij deelt de lijst daarvan mede aan de Commissie.
Deze laboratoria zijn belast:
- met de cooerdinatie van de activiteiten van de laboratoria die belast zijn met de analyses voor de controle op de chemische of bacteriologische normen en met de tests, als bedoeld in deze richtlijn;
- met het assisteren van de bevoegde autoriteit bij de organisatie van het systeem voor de controle op melk en produkten op basis van melk;
- met de periodieke organisatie van vergelijkende tests;
- met de verspreiding van de door het in artikel 28 bedoelde communautaire referentielaboratorium verstrekte informatie aan de bevoegde autoriteiten en de laboratoria belast met de analyses en tests op het gebied van melk en produkten op basis van melk.
(²) Richtlijn 72/462/EEG van de Raad van 12 december 1972 inzake gezondheidsvraagstukken en veterinairrechtelijke vraagstukken bij de invoer van runderen, varkens, schapen en geiten, van vers vlees of van vleesprodukten uit derde landen (PB nr. L 302 van 31. 12. 1972, blz. 28). Richtlijn laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 91/497/EEG (PB nr. L 268 van 24. 9. 1991, blz. 69).
2. De Commissie draagt er zorg voor dat de lijst van de nationale referentielaboratoria en de latere bijwerking daarvan in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen bekend worden gemaakt.