Art. 2
In het kader van deze richtlijn zijn, voor zover nodig, de definities van toepassing die zijn vastgesteld in artikel 2 van Richtlijn 90/539/EEG van de Raad van 15 oktober 1990 tot vaststelling van veterinairrechtelijke voorschriften voor het intracommunautaire handelsverkeer en de uitvoer uit derde landen van pluimvee en broedeieren (5).
Voorts wordt verstaan onder:
a) besmet pluimvee:
- alle pluimvee waarbij de aanwezigheid van aviaire influenza als omschreven in bijlage I, officieel is bevestigd door middel van een onderzoek in een erkend laboratorium, of
- ingeval een of meer nieuwe uitbraken volgen, alle pluimvee waarbij klinische symptomen of, na het slachten, laesies zijn geconstateerd die op aviaire influenza wijzen;
b) van besmetting verdacht pluimvee: alle pluimvee dat klinische symptomen of, na het slachten, laesies vertoont van zodanige aard dat op goede gronden besmetting met aviaire influenza kan worden vermoed, of alle pluimvee waarbij de aanwezigheid van influenza-A-virus, subtype H5 of H7 is aangetoond;
c) van verontreiniging verdacht pluimvee: alle pluimvee dat rechtstreeks of onrechtstreeks in contact kan zijn geweest met het virus van aviaire influenza of met het influenza-A-virus, subtype H5 of H7;
d) bevoegde autoriteit: de autoriteit die bevoegd is in de zin van artikel 2, lid 6, van Richtlijn 90/425/EEG (6);
e) officiële dierenarts: de door de bevoegde autoriteit aangewezen dierenarts.