Art. 13 Verordening (EEG) nr. 3922/91

Verordening (EEG) nr. 3922/91

1. De Lid-Staten staan elkaar onderling bij met het oog op de toepassing van deze verordening en het toezicht daarop.

2. In het kader van de in lid 1 bedoelde onderlinge bijstand wisselen de bevoegde autoriteiten van de Lid-Staten regelmatig de beschikbare informatie uit over:

- de overtredingen van de bepalingen van deze verordening door niet-ingezetenen en de sancties die zij ter zake van deze overtredingen hebben toegepast;

- de sancties die een Lid-Staat ter zake van in andere Lid-Staten begane overtredingen op zijn ingezetenen heeft toegepast.