Art. 7 Richtlijn 91/630/EEG

Richtlijn 91/630/EEG

1. De Lid-Staten zien erop toe dat onder verantwoordelijkheid van de bevoegde instantie inspecties worden verricht om na te gaan of de bepalingen van deze richtlijn en van de bijlage in acht worden genomen.

Deze inspecties, die kunnen worden verricht tijdens voor andere doeleinden uitgevoerde controles, moeten jaarlijks een statistisch representatieve steekproef van de verschillende houderijsystemen van elke Lid-Staat betreffen.

2. De Commissie stelt volgens de procedure van artikel 10 een code vast met voorschriften voor de in lid 1 bedoelde inspecties.

3. Om de twee jaar en voor het eerst vóór 30 april 1996 stellen de Lid-Staten de Commissie vóór de laatste werkdag van april in kennis van de resultaten van de inspecties die in de voorafgaande twee jaren overeenkomstig dit artikel zijn uitgevoerd, met een opgave van het aantal uitgevoerde inspecties en het aantal bedrijven op hun grondgebied.

Vorige artikelen

Volgende artikelen