Art. 11 Richtlijn 90/220/EEG

Richtlijn 90/220/EEG

1. Alvorens een GGO of een combinatie van GGO's als produkt of als bestanddeel van een produkt in de handel wordt gebracht, moet de fabrikant of de importeur die het produkt in de Gemeenschap invoert, bij de bevoegde instantie van de Lid-Staat waarin het voor de eerste keer in de handel wordt gebracht een kennisgeving indienen. Deze kennisgeving omvat:

- de volgens bijlage II vereiste informatie, die zo nodig wordt aangevuld om rekening te houden met de verscheidenheid van gebieden waar het produkt wordt gebruikt, met inbegrip van informatie over gegevens en effecten betreffende de ecosystemen die kunnen worden beïnvloed door het gebruik van het produkt, verkregen bij intro-

ducties in het kader van onderzoek en ontwikkeling alsmede een analyse van de eventuele risico's voor de menselijke gezondheid en het milieu in verband met GGO's of combinaties van GGO's in het produkt, met inbegrip van de in de onderzoek- en ontwikkelingsfase verkregen informatie over de gevolgen van de introductie voor de menselijke gezondheid en het milieu;

- de voorwaarden voor het in de handel brengen van het produkt, met inbegrip van bijzondere voorwaarden voor gebruik en behandeling en een voorstel voor etikettering en verpakking, waarbij ten minste de volgens bijlage III vereiste gegevens moeten worden vermeld.

Indien een kennisgever op grond van de resultaten van een introductie, waarvan uit hoofde van deel B kennisgeving is gedaan, of op wezenlijke, gemotiveerde, wetenschappelijke gronden van mening is dat het in de handel brengen en gebruik van een produkt geen risico's voor de menselijke gezondheid en het milieu met zich brengt, kan hij voorstellen een of meer van de volgens bijlage III B vereiste gegevens niet te vermelden.

2. De kennisgever vermeldt in deze kennisgeving ook gegevens over of resultaten met introducties van dezelfde GGO's of dezelfde combinatie van GGO's die hij al eerder of op dat ogenblik binnen of buiten de Gemeenschap heeft aangemeld via een kennisgeving en/of heeft verricht.

3. De kennisgever mag ook verwijzen naar gegevens of resultaten afkomstig van kennisgevingen die al eerder door andere kennisgevers zijn ingediend, op voorwaarde dat deze daarvoor schriftelijk toestemming hebben verleend.

4. Over ieder nieuw produkt dat een zelfde GGO of combinatie van GGO's bevat, dan wel daaruit bestaat, maar bestemd is voor een ander soort gebruik, moet een afzonderlijke kennisgeving worden ingediend.

5. De kennisgever mag alleen tot de introductie overgaan wanneer hij de schriftelijke toestemming van de bevoegde instantie overeenkomstig artikel 13 heeft verkregen, en met inachtneming van de eventuele aan deze toestemming verbonden voorwaarden, inclusief de genoemde speciale eco-

systemen/milieus.

6. Indien vóór of na de schriftelijke toestemming nieuwe gegevens ten aanzien van de risico's van het produkt voor de menselijke gezondheid of het milieu aan het licht komen, dient de kennisgever onmiddellijk:

- de in lid 1 bedoelde informatie en voorwaarden te herzien,

- de bevoegde instantie in te lichten, en

- de maatregelen te nemen die nodig zijn om de veiligheid van de menselijke gezondheid en het milieu te beschermen.

Vorige artikelen

Volgende artikelen