Art. 2 Verordening (EEG) nr. 411/88
1. Wanneer voor een produkt een waardeverminderingscoëfficiënt is vastgesteld overeenkomstig artikel 7 van Verordening (EEG) nr. 1883/78, wordt de waarde van de in de loop van het begrotingsjaar aangekochte produkten berekend door de aankoopprijs met deze coëfficiënt te vermenigvuldigen.
Wanneer voor een produkt een waardevermindering overeenkomstig artikel 8, tweede alinea, van Verordening (EEG) nr. 1883/78 is vastgesteld, wordt de gemiddelde voorraad berekend vóór de inwerkingtreding van iedere waardevermindering waarmee voor de gemiddelde waarde rekening wordt gehouden.
2. Wanneer in de voorschriften voor de gemeenschappelijke marktordeningen is bepaald dat het door het interventiebureau gekochte produkt niet eerder dan na een minimumtermijn van één maand na de datum van overname mag worden betaald, wordt de overeenkomstig artikel 1, lid 3, berekende gemiddelde voorraad verminderd met een hoeveelheid die wordt berekend met de formule:
Q × N
12
waarbij:
1.2 // Q = // in de loop van het begrotingsjaar aangekochte hoeveelheden // N = // aantal maanden van de minimumtermijn voor de betaling.
Voor deze berekening moet de in de voorschriften aangegeven minimumtermijn als betalingstermijn worden aangehouden. Een maand wordt geacht uit dertig dagen te bestaan. Elk gedeelte van een maand dat meer bedraagt dan vijftien dagen, wordt gerekend als een hele maand; elk gedeelte van vijftien dagen of minder wordt voor deze berekening niet in aanmerking genomen.
Indien na de in de eerste alinea bedoelde vermindering de berekening van de gemiddelde voorraad op het einde van het begrotingsjaar een negatief resultaat geeft, wordt het negatieve saldo in mindering gebracht op de gemiddelde voorraad die voor het volgende begrotingsjaar wordt berekend.
3. Wanneer met betrekking tot de verkoop van een produkt door het interventiebureau, in de voorschriften voor de gemeenschappelijke marktordeningen of in de berichten van inschrijving een termijn is vastgesteld voor het afhalen van het produkt na betaling door de koper en deze termijn langer is dan dertig dagen, wordt op de financieringskosten die overeenkomstig het bepaalde in de voorgaande leden zijn berekend, een bedrag in mindering gebracht dat wordt berekend met de formule:
V × J × i
365
waarbij:
1.2 // V = // door de koper betaald bedrag // J = // aantal dagen tussen de ontvangst van de betaling en het afhalen van het produkt, vermindert met dertig dagen // i =
(1) PB nr. L 327 van 14. 11. 1981, blz. 1.
4. Als op grond van specifieke communautaire verordeningen, bij verkoop van landbouwprodukten door interventiebureaus de werkelijke termijn voor betaling na het afhalen van de betrokken produkten langer is dan dertig dagen, worden de overeenkomstig de voorgaande leden berekende financieringskosten verhoogd met een bedrag dat wordt berekend met de formule:
M × D × i
365
waarbij:
1.2 // M = // door de koper te betalen bedrag // D = // aantal dagen tussen het afhalen van het produkt en de ontvangst van de betaling, verminderd met dertig dagen // i = // in artikel 3 vermelde rentevoet.