Art. 6 Richtlijn 86/653/EEG
1. Bij gebreke van een overeenkomst ter zake tussen de partijen en onverminderd de toepassing van de dwingende bepalingen van de Lid-Staten inzake beloningen, heeft de handelsagent recht op een beloning overeenkomstig de in de plaats waar hij zijn werkzaamheden verricht geldende gebruiken bij de vertegenwordiging van de goederen waarop de agentuurovereenkommst betrekking heeft, bij het ontbreken van dergelijke gebruiken heeft de handelsagent recht op een redelijke beloning waarbij rekening wordt gehouden met alle op de transactie betrekking hebbende elementen.
2. Alle elementen van de beloning die variëren naar gelang van het aantal zaken of de waarde daarvan, worden geacht een provisie te zijn in de zin van deze richtlijn.
3. De artikelen 7 tot en met 12 zijn niet van toepassing, voor zover de handelsagent niet geheel of gedeeltelijk op provisiebasis wordt beloond.