Art. 10 Richtlijn 85/374/EEG
1. De Lid-Staten bepalen in hun wetgeving dat de vordering tot schadevergoeding uit hoofde van deze richtlijn na drie jaar verjaart. Deze termijn begint te lopen op de dag waarop de eiser kennis kreeg dan wel had moeten krijgen van de schade, het gebrek en de identiteit van de producent.
2. De bepalingen van de Lid-Staten inzake schorsing en stuiting van de verjaring blijven onverlet door deze richtlijn. Artikel 11
De Lid-Staten bepalen in hun wetgeving dat de rechten die de gelaedeerde aan deze richtlijn ontleent, komen te vervallen na een termijn van tien jaar, te rekenen vanaf de dag waarop de producent het produkt dat de schade heeft veroorzaakt in het verkeer heeft gebracht, tenzij de gelaedeerde gedurende die periode een gerechtelijke procedure tegen hem heeft ingesteld.