Art. 8 Verordening (EEG) nr. 918/83
1. In afwijking van het bepaalde in artikel 6 , eerste alinea , kan de vrijstelling worden verleend voor persoonlijke goederen die voor het vrije verkeer worden aangegeven voordat de belanghebbende zijn normale verblijfplaats in het douanegebied van de Gemeenschap vestigt , mits laatstgenoemde er zich toe verbindt zijn normale verblijfplaats daar binnen een termijn van zes maanden daadwerkelijk te vestigen . Deze verbintenis gaat gepaard met een zekerheidstelling waarvan de bevoegde autoriteiten de vorm en het bedrag vaststellen .
2. Indien gebruik wordt gemaakt van het bepaalde in lid 1 , wordt de in artikel 3 , sub a ) , bedoelde termijn berekend vanaf de datum waarop de persoonlijke goederen in het douanegebied van de Gemeenschap zijn binnengebracht .