Art. 57 Verordening (EEG) nr. 918/83

Verordening (EEG) nr. 918/83

1. De in artikel 51 bedoelde voorwerpen en de wetenschappelijke instrumenten of apparaten die onder de in de artikelen 52 tot en met 56 vastgestelde voorwaarden met vrijstelling werden ingevoerd , mogen niet worden uitgeleend , verhuurd , noch onder bezwarende titel of om niet worden overgedragen zonder dat de bevoegde autoriteiten daarvan vooraf in kennis zijn gesteld .

2. Indien het voorwerp , instrument of apparaat wordt uitgeleend , verhuurd of overgedragen aan een instelling of organisatie die krachtens artikel 51 of artikel 52 , lid 2 , sub a ) , voor de vrijstelling in aanmerking komt , blijft de vrijstelling van kracht voor zover bedoelde instelling of organisatie het voorwerp , instrument of apparaat gebruikt voor doeleinden welke recht geven op het verlenen van deze vrijstelling .

In de overige gevallen mag het uitlenen , verhuren of overdragen pas plaatsvinden na de voorafgaande betaling van de rechten bij invoer , tegen het op de datum van het uitlenen , verhuren of overdragen van kracht zijnde tarief , zulks naar de soort en op de grondslag van de douanewaarde die op die datum door de bevoegde autoriteiten als juist zijn erkend of aanvaard .