Art. 129 Verordening (EEG) nr. 918/83
De bevoegde autoriteiten van de Lid-Staten nemen alle passende maatregelen om te waarborgen dat goederen die in het vrije verkeer zijn gebracht , met een vrijstelling van rechten bij invoer op grond van het gebruik dat de geadresseerde ervan moet maken , niet voor andere doeleinden kunnen worden aangewend zonder dat de daarvoor geldende rechten bij invoer zijn voldaan , behoudens indien deze wijziging van bestemming plaatsvindt met inachtneming van de in deze verordening vastgestelde voorwaarden .