Art. 15 Richtlijn 83/181/EEG
1. Tot het verstrijken van een termijn van twaalf maanden , te rekenen vanaf de datum van de aangifte voor de definitieve invoer , mogen de met vrijstelling ingevoerde persoonlijke goederen niet worden uitgeleend , verpand , verhuurd , noch onder bezwarende titel , noch om niet worden overgedragen zonder dat de bevoegde autoriteiten daarvan vooraf in kennis zijn gesteld .
2. Het uitlenen , verpanden , verhuren of overdragen ervan voor het verstrijken van de in lid 1 bedoelde termijn , leidt tot toepassing van de voor de betrokken goederen geldende belasting over de toegevoegde waarde , tegen het op de datum van het uitlenen , verpanden , verhuren of overdragen van kracht zijnde tarief , zulks naar de soort en op grondslag van de waarde die op die datum door de bevoegde autoriteiten als juist is erkend of aanvaard .
Hoofdstuk III
Persoonlijke goederen , verkregen in het kader van een erfopvolging