Art. 22 Richtlijn 76/308/EEG

Richtlijn 76/308/EEG

1. De praktische bepalingen voor de toepassing van artikel 4 , leden 2 en 4 , artikel 5 , leden 2 en 3 , artikel 7 , leden 1 , 3 en 5 , de artikelen 9 en 11 en artikel 12 , lid 1 , evenals die betreffende de omrekening , de overmaking van de ingevorderde bedragen en de vaststelling van een minimumbedrag van de schuldvorderingen waarvoor een verzoek tot bijstand kan worden ingediend , worden vastgesteld volgens de procedure van de leden 2 en 3 .

2. De vertegenwoordiger van de Commissie legt aan het Comité een ontwerp voor van de vast te stellen bepalingen . Het Comité brengt over dit ontwerp advies uit binnen een termijn die de voorzitter kan bepalen naar gelang van de urgentie van het betrokken vraagstuk . Het spreekt zich uit met een meerderheid van 41 stemmen , waarbij de stemmen van de Lid-Staten worden gewogen overeenkomstig het bepaalde in artikel 148 , lid 2 , van het Verdrag . De voorzitter neemt geen deel aan de stemming .

3. a ) De Commissie stelt de beoogde bepalingen vast wanneer zij in overeenstemming zijn met het advies van het Comité .

b) Wanneer de beoogde bepalingen niet in overeenstemming zijn met het advies van het Comité of bij gebreke van een advies , doet de Commissie onverwijld een voorstel aan de Raad betreffende de vast te stellen bepalingen . De Raad besluit met gekwalificeerde meerderheid van stemmen .

c) Indien na verloop van een termijn van drie maanden , te rekenen vanaf de indiening van het voorstel bij de Raad , deze geen besluit heeft genomen , worden de voorgestelde bepalingen door de Commissie vastgesteld .