Art. 8 Eerste Richtlijn 73/239/EEG

Eerste Richtlijn 73/239/EEG

1. Elke Lid-Staat stelt de eis dat de ondernemingen die op zijn grondgebied worden opgericht en een vergunning aanvragen :

a) een van de navolgende rechtsvormen aannemen :

- ten aanzien van het Koninkrijk België :

naamloze vennootschap " société anonyme " , vennootschap bij wijze van geldschieting op aandelen / " société en commandite par actions " , onderlinge verzekeringsmaatschappij / " association d'assurance mutuelle " , cooperatieve vennootschap / " société cooperative " ;

- ten aanzien van het Koninkrijk Denemarken :

" Aktieselskaber " ( vennootschappen op aandelen ) , " gensidige selskaber " ( onderlinge waarborgmaatschappijen ) ;

- ten aanzien van de Bondsrepubliek Duitsland :

" Aktiengesellschaft " , " Versicherungsverein auf Gegenseitigkeit " , " Oeffentlich-rechtliches Wettbewerbs-Versicherungsunternehmen " ;

- ten aanzien van de Franse Republiek :

" société anonyme " , " société à forme mutuelle " , " mutuelle " , " union de mutuelles " ;

- ten aanzien van Ierland :

" incorporated companies limited by shares or by guarantee or unlimited " ;

- ten aanzien van de Italiaanse Republiek :

" società per azioni " , " società cooperativa " , " mutua di assicurazione " ;

- ten aanzien van het Groothertogdom Luxemburg :

" société anonyme " , " société en commandite par actions " , " association d'assurances mutuelles , " société coopérative " ;

- ten aanzien van het Koninkrijk der Nederlanden :

naamloze vennootschap , onderlinge waarborgmaatschappij , cooperatieve vereniging ;

- ten aanzien van het Verenigd Koninkrijk :

" incorporated companies limited by shares or by guarantee or unlimited " , " societies registered under the Industrial and Provident Societies Acts " , " societies registered under the Friendly Societies Act " , " Lloyd's Underwriters " .

De Lid-Staten kunnen voorts in voorkomend geval ondernemingen oprichten die iedere publiekrechtelijke vorm kunnen hebben , mits deze instellingen beogen het verzekeringsbedrijf uit te oefenen onder voorwaarden die gelijkwaardig zijn aan de voorwaarden die voor privaatrechtelijke ondernemingen gelden ;

b) hun doel beperken tot het verzekeringsbedrijf en tot de verrichtingen die daaruit rechtstreeks voortvloeien , met uitsluiting van elke andere handelsactiviteit ;

c) overeenkomstig artikel 9 een programma van werkzaamheden overleggen ;

d) het in artikel 17 , lid 2 , bedoelde minimumgarantiefonds bezitten .

2. De onderneming die de vergunning aanvraagt voor de uitbreiding van haar werkzaamheden tot andere branches , of , in het geval bedoeld in artikel 6 , lid 2 , sub d ) , tot een ander deel van het grondgebied , moet overeenkomstig artikel 9 een programma van werkzaamheden overleggen met betrekking tot de andere branches of het bijkomend grondgebied .

Bovendien moet zij aantonen dat zij voldoet aan de voorwaarden betreffende de in artikel 16 genoemde solvabiliteitsmarge en , indien krachtens artikel 17 , lid 2 , voor deze andere branches het bezit van een hoger minimumbedrag voor het garantiefonds is vereist dan zij tot dusverre diende te bezitten , dat zij over dit minimumbedrag beschikt .

3. De huidige coordinatie belet niet dat de Lid-Staten bepalingen toepassen die de noodzaak van een technische kennis van de bestuurders behelzen , alsmede de goedkeuring van de statuten , van de algemene en bijzondere voorwaarden van de verzekeringspolissen , van de tarieven en van elk ander document dat voor de normale uitoefening van het toezicht vereist is .

4. Bovenstaande bepalingen mogen niet inhouden dat bij de beoordeling van de aanvrage van een vergunning de economische behoeften van de markt in aanmerking worden genomen .

Vorige artikelen

Volgende artikelen