Art. 21 Verordening (EEG) nr. 1408/71, Verblijf in of overbrenging van de woonplaats naar het grondgebied van de bevoegde Staat
1. De in artikel 19 bedoelde werknemer en zijn gezinsleden die op het grondgebied van de bevoegde Staat verblijven, hebben recht op prestaties volgens de wettelijke regeling van deze Staat, alsof zij op het grondgebied ervan woonden, zelfs indien zij vóór hun verblijf voor hetzelfde geval van ziekte of moederschap reeds prestaties hebben genoten. Deze bepaling is evenwel niet van toepassing op de grensarbeider en zijn gezinsleden.
2. De in artikel 19 bedoelde werknemer en zijn gezinsleden die hun woonplaats overbrengen naar het grondgebied van de bevoegde Staat, hebben recht op prestaties volgens de wettelijke regeling van deze Staat, zelfs indien zij vóór de overbrenging van hun woonplaats voor hetzelfde geval van ziekte of moederschap reeds prestaties hebben genoten.