ABRvS 4 februari 2026, ECLI:NL:RVS:2026:618
Bij besluit van 23 maart 2023 heeft de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit twee verzoeken van [verzoeker] om openbaarmaking van informatie op grond van de Wet open overheid afgewezen. [verzoeker] heeft de Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit op 15 november 2022 en 1 december 2022 onder meer verzocht om openbaarmaking van informatie over het houden van wilde zwijnen in een raster in Nederland en om openbaarmaking van een overzicht van werkzaamheden van de inspecteurs die bij [verzoeker] inspectie hebben gehouden, waaruit kan worden afgeleid welke bedrijven de inspecteurs hebben bezocht in de twaalf weken voorafgaand aan hun bezoek aan [verzoeker]. De minister heeft de verzoeken bij besluit van 23 maart 2023 afgewezen en dit besluit per aangetekende post verstuurd. De rechtbank heeft geoordeeld dat [verzoeker] aannemelijk heeft gemaakt dat hij geen afhaalbericht van PostNL heeft ontvangen en dat het besluit van 23 maart 2023 niet op de voorgeschreven wijze is bekendgemaakt. Het gevolg hiervan is dat de bezwaartermijn is aangevangen op 21 april 2023, na de verzending van het besluit per gewone post, en dat [verzoeker] zijn bezwaarschrift van 1 juni 2023 binnen de termijn van zes weken voor het indienen van een bezwaarschrift heeft ingediend. Het bezwaar was dus ontvankelijk.
De uitspraak op rechtspraak.nl