ABRvS 3 september 2025, ECLI:NL:RVS:2025:4233

Bij besluit van 25 juli 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag aan [appellante] een boete opgelegd van € 10.000,00 voor het in gebruik geven van een woning aan een persoon die niet over een huisvestingsvergunning beschikte. [appellante] is beheerder van de woning aan de [locatie] in Den Haag. Voor het in gebruik geven van deze woning is een huisvestingsvergunning vereist. Inspecteurs van de Haagse Pandbrigade hebben op 15 juni 2022 een inspectie in de woning verricht. De inspecteurs hebben geconstateerd dat meerdere personen het huis bewoonden. Er was op dat moment geen huisvestingsvergunning voor het adres van de woning aangevraagd of afgegeven. Op basis van de bevindingen van de inspectie heeft het college geconcludeerd dat de woning in strijd met artikel 8, tweede lid, van de Huisvestingswet 2014 en artikel 2:2, tweede lid, van de Huisvestingsverordening Den Haag 2019 aan een persoon in gebruik is gegeven zonder de benodigde huisvestingsvergunning. Het college heeft daarvoor onder andere aan [appellante] een boete opgelegd van € 10.000,00. Het college heeft [appellante] als overtreder aangemerkt, omdat zij volgens het college een actieve rol had bij de overtreding.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken