ABRvS 15 januari 2025, ECLI:NL:RVS:2025:118
Bij besluit van 14 juni 2021 heeft de burgemeester van Schouwen-Duiveland aan [appellant] een last onder dwangsom van € 15.000,- opgelegd. [appellant] is eigenaar van restaurant, wijnbar en slijterij "[bedrijf]" aan de [locatie 1] in Zierikzee. In een besluit van 4 juni 2021 heeft de burgemeester aan [appellant] voor het exploiteren van een terras op ’t Luitje zonder exploitatievergunning een last onder dwangsom opgelegd van € 1.000,- per dag, met een maximum van € 5.000,-. Omdat [appellant] niet heeft voldaan aan de last, heeft de burgemeester op 14 juni 2021 een nieuwe last onder dwangsom van € 15.000,- opgelegd. De begunstigingstermijn liep tot 15 juni 2021 om 12:00 uur. Toezichthouders van de gemeente hebben op 15 juni 2021 om 12:10 uur geconstateerd dat [appellant] weer niet aan de last heeft voldaan. In een besluit van 16 juni 2021 heeft de burgemeester vastgesteld dat de dwangsom op grond van het besluit van 14 juni 2021 is verbeurd. De rechtbank heeft geoordeeld dat [appellant] artikel 2:28 van de Algemene plaatselijke verordening gemeente Schouwen-Duiveland 2015 heeft overtreden.
De uitspraak op rechtspraak.nl