ABRvS 15 januari 2025, ECLI:NL:RVS:2025:106
Bij besluit van 23 december 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Noordenveld het handhavingsverzoek van [partijen] tegen de activiteiten van [appellant] op het perceel [locatie 1] in Peize afgewezen. [appellant] is gevestigd aan [locatie 1] in Peize. [partij B] woont naast het hoveniersbedrijf op het perceel [locatie 2]. [partij B] ervaart overlast van het bedrijf en heeft daarom op 24 september 2020 een handhavingsverzoek ingediend. Volgens [partij B] wordt het hoveniersbedrijf in strijd met de beheersverordening "Herziening Woonwijken Peize" geëxploiteerd op het perceel. Naar aanleiding van het verzoek is een toezichthouder op het perceel gaan controleren. Deze controles hebben er uiteindelijk toe geleid dat het college een last onder dwangsom heeft opgelegd en die met het besluit op bezwaar in stand is gelaten. [partij B] heeft beroep ingesteld, omdat de last onder dwangsom volgens haar ten onrechte niet strekte tot beëindiging van alle activiteiten van het hoveniersbedrijf op het perceel.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- ABRvS 22 mei 2023, ECLI:NL:RVS:2023:1953
- ABRvS 22 december 2021, ECLI:NL:RVS:2021:2932
- Rb. Noord-Nederland 9 april 2021, ECLI:NL:RBNNE:2021:1353
- ABRvS 9 september 2020, ECLI:NL:RVS:2020:2078
- ABRvS 15 januari 2020, ECLI:NL:RVS:2020:86
- ABRvS 22 juli 2015, ECLI:NL:RVS:2015:2282
- ABRvS 20 oktober 2004, ECLI:NL:RVS:2004:AR4294