ABRvS 6 maart 2024, ECLI:NL:RVS:2024:922

Bij besluit van 12 augustus 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid het verzoek van [appellante] om haar het Nederlanderschap te verlenen afgewezen. Bij besluit van 9 mei 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid het door [appellante] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. [appellante] stelt afkomstig te zijn uit de Democratische Republiek Congo en geboren te zijn op [geboortedatum] 1988. Zij is sinds 2012 in Nederland. De staatssecretaris heeft haar met ingang van 26 juni 2012 in het bezit gesteld van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. [appellante] heeft op 23 november 2020 het verzoek ingediend. Op dat moment beschikte zij over een verblijfsvergunning asiel voor onbepaalde tijd. Ter onderbouwing van haar identiteit en nationaliteit heeft zij een Congolees paspoort overgelegd dat is afgegeven op 11 februari 2014. Bureau Documenten heeft het onderzocht en in een verklaring van onderzoek van 18 april 2014 geconcludeerd dat het echt is.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken