ABRvS 23 oktober 2024, ECLI:NL:RVS:2024:4280
Bij besluit van 15 februari 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam een bestuurlijke boete van € 6.000,00 opgelegd aan [wederpartij]. In deze uitspraak beoordeelt de Afdeling of aan [wederpartij] een boete mocht worden opgelegd en zo ja, hoe hoog die boete moet zijn. Volgens het college moet hij een boete van € 3.000,00 betalen. Volgens de rechtbank hoeft [wederpartij] geen boete te betalen. [wederpartij] is huurder van de woning aan de [locatie] in Amsterdam. Bij besluit van 23 juli 2020 is aan hem een vergunning toegekend om de woning onder voorwaarden te gebruiken voor vakantieverhuur. Een van die voorwaarden is dat hij elke periode van vakantieverhuur vooraf bij de gemeente meldt (de meldplicht). Het college heeft op basis van onderzoek geconcludeerd dat de woning in september 2020 is verhuurd zonder voorafgaande melding. Bij het besluit van 23 januari 2023 heeft het college de boete gematigd.
De uitspraak op rechtspraak.nl